• Portret van Catharina Hoogsaet (1657)

  • Godin Juno (ca. 1660-65)

Juwelen in Late Rembrandt

Het joodse bruidje, de 2 Lucretia-schilderijen, Vrouw met schoothondje en Vrouw met struisveer zijn enkele voorbeelden van schilderijen in Late Rembrandt waarop juwelen te zien zijn. Over het portret van Catharina Hoogsaet en de Juno, vertellen we hier wat meer.

Portret van Catharina Hoogsaet (1657)
In 1657, na zijn faillissement, liet Catharina Hoogsaet (1607-1685) haar portret schilderen door Rembrandt. De in verhouding tot andere portretten uit de Gouden Eeuw ingetogen manier van kleden zegt niks over haar rijkdom, maar alles over haar geloofsrichting. Haar grootvader was een prominente doopsgezinde en Catharina liet zich portretteren in de dracht behorende bij haar geloofsrichting. In datzelfde jaar beschrijft Hoogsaet in een codicil bij haar testament de kleding en juwelen die ze op het schilderij draagt:

‘nieuwe zijde tabbert ende nieuwe zijde rock [en] mouwetjes’ en een van haar ‘beste halsiens, met beffen om de hals, gesteecken musjes, het gouden oor-isertje ende goude naelt’ met haar ‘paerle spelde’.

De ‘goude naelt’ is het sieraad dat onder het kapje uitsteekt bij haar slaap. Dergelijke voorhoofdsnaalden kennen we later vooral van streekdrachten. Wat maar weinig mensen weten is dat de traditionele manier van kleden op het platteland, juist gebaseerd is op de stadse mode, waar u hier dus een mooi voorbeeld van ziet.
Voorbeelden van 19e-eeuwse voorhoofdsnaalden uit onze collectie: - door de Gebroeders Goedhart, Hoorn- door M. Hoonee, Alkmaar

Juno (ca. 1660-65)
In zijn werk in opdracht moest Rembrandt zich houden aan het realistisch afbeelden van de juwelen van de geportretteerde. Maar in zijn vrije werk kon hij zijn fantasie de loop laten, zoals bij dit schilderij van de godin Juno, heerseres van de hemelen. Dat zien we vooral aan het borstjuweel: een dergelijke reeks grote saffieren is in werkelijkheid uitermate onwaarschijnlijk.

Een leuk detail is de kroon, die is namelijk van het Etruskische model, naast elkaar geplaatste verticale stralen, en niet met bogen zoals wij kronen vooral kennen. De kroon van de Medici-groothertogen van Toscane, het hartland van de Etruskische beschaving, had ook dit model, net als veel godinnen uit de oudheid wanneer zij op schilderijen staan afgebeeld, zoals Juno hier. 
De schilder Karel van Mander publiceerde in 1604 zijn Schilderboeck, waarin stond aan welke regels schilderijen moesten voldoen. Over Juno schreef hij:

‘houdende in d’een handt eenen Coningh-staf…, hebbende op ’t hooft schijnende strale. Den scepter soude sy hebben, om datse Godinne des Rijkdoms is. Den Pauw was haer Vogel. [..] Juno was seer prachtigh in haer dracht: sy hadde een seer schoon bloeyende root purpur cleet, en eenen blaeuwe mantel, over al vol Peerlen, Gesteenten en Juweelen.’

Rembrandt heeft Van Mander dus redelijk nauwgezet gevolgd.           

Lees hier onze aangepast Privacy Policy Sluiten